Geschiedenis

Een kleine kroniek

'Zoals veel, waarvan de oorsprong vijftig jaar geleden ligt, heeft ook de begintijd van de
Concertgebouwvrienden te maken met de crisis en het voorspel van de Tweede Wereldoorlog,' schrijft Carla R. Josephus Jitta in Preludium van september 1984 bij het vijftigjarig bestaan van de Vereniging.
Haar vader, ir J.A. Josephus Jitta, was de algemeen coördinator van het grote Stadionconcert, dat op 2 juni 1934 door het Initiatief Comité Amsterdam werd georganiseerd. Medewerkenden waren het Concertgebouworkest en het Residentie-Orkest, het Toonkunstkoor, de Koninklijk Christelijke Oratorium Vereniging, de Rooms-Katholieke Oratorium Vereniging en een twaalftal Nederlandse solisten, onder wie Jo Vincent als eerste sopraan. Peter van Anrooy dirigeerde dit monster-ensemble in zijn eigen Piet-Hein-rapsodie, Mengelberg had de totale leiding.

Doel van deze manifestatie was beide symfonie-orkesten in de publiciteit te bregen en financiële steun te bieden. Het concert, dat werd bijgewoond door prinses Juliana, trok ruim 30.000 man publiek en was een groot succes. Om een vervolg te geven aan deze eenmalige gebeurtenis werd onmiddelijk daarna een Voorlopige Comité van Concertgebouwvrienden opgericht en op 6 september 1934 volgde de koninklijke goedkeuring van de statuten van de Nederlandsche Vereeniging 'Concertgebouwvrienden' - eerste voorzitter was ir Josephus Jitta.
Zijn dochter geeft in haar boven aangehaalde brief van 14 februari 1983 aan Preludium een kort overzicht van vermeldenswaardige feiten uit de begintijd:

27 september 1934 - Eerste propaganda-bijeenkomst in de Kleine Zaal waarbij ook muziek werd uitgevoerd.
20 december 1934 - Populair concert in de Grote Zaal. Toegang f 1,50. Men spreekt dan van het Daalderconcert.
19 september 1935 - Algemene vergadering, tevens propaganda-aonvd van de Vereniging Concertgebouwvrienden, met een muzikaal gedeelte. minimum contributie van de Vereniging f 2,50. Het programma vermeldt ook de prijzen voor het winteseizoen 1935/36 van het Concertgebouworkest: serie B (16 concerten) f 37,50; serie Z (8 concerten) f 14,-; serie C (4 donderdagavondconcerten) f 10,-.
4 juli 1936 - Galaconcert in samenwerking met het Gebootschap Nederland-Engeland. Ter gelegenheid van de opening van de tentoonstelling 'Twee eeuwen Engelse kunst' in het Stedelijk Museum gaf het Concertgebouworkest o.l.v. Mengelberg m.m.v. Myra Hess een concert dat werd bijgewoond door de hertog van Kent.

In de zomer van 1935 kwamen de eerste zomerzegels uit. De opbrengst hiervan kwam voor de helft ten goede aan de zeven gesubsidieerde orkest (waaronder het Concertgebouworkest). Het idee van de zomerzegels was een direct voortvloeisel van het niet toereikende financieel resultaat van het Stadionconcert.
In juni 1936 werden nog voorbereidingen getroffen voor een 'zomerkruistocht' van het Concertgebouworkest o.l.v. Mengelberg met de Holand-Amerika-Lijn naar Scandinavië. Cocnertgebouwvrienden zouden in de gelegenheid worden gesteld deze reis mee te maken. Door de dreigende toestand in Europa heeft men deze voorbereidingen moeten afbreken.

Stimuleren van concertbezoek
Het streven van de Vereniging - het stimuleren van het concertbezoek, dat in het seizoen 1933/34 door de crisis een dieptepunt had bereikt - wierp tot 1940 steeds meer vruchten af. In de oorlogsjaren werd het echter gaandeweg geheel onmogelijk om nog enige activiteit te ontplooien, en na de oorlog bleek het, door de overweldigende voor cultuur in het algemeen, nodig om de donderdagavondserie ook op woensdag uit te voeren, waarmee het doel van de Vereniging was bereikt.
Nieuwe initiatieven, die onder het voorzitterschap van Herman van den Eerenbeemt tot stand kwamen, waren de heruitgave van het in 1938 opgerichte blad 'Concertgebouw-Nieuws Preludium', zoals het toen nog heette, en het instellen van de Zilveren Vriendenkrans als aanmoedigingsprijs voor jonge musici.
De eerste Zilveren Vriendenkrans werd uitgereikt op 19 september 1949 aan drie jonge musici: Gérard van Blerk, Theo Bruins en Bouw Lemkes.

Scheiding van Gebouw en Orkest
Een volgende koersverandering voor de Vrienden werd onvermijdelijk door de 'scheiding' van Gebouw en Orkest in 1951. Het nieuwe uitgangspunt werd als volgt geformuleerd: '... dat de taak van de Vrienden in de toekomst een gans andere zou zijn dan voorheen. Namelijk een dienende taak, om al datgene te helpen bevorderen, dat de naam van orkest en gebouw in binnen- en buitenland zou worden in stand gehouden en verstevigd. Voorts om al datgene te helpen bevorderen, dat punten van geschil tussen gebouw en orkest zouden opgelost op een wijze, welke aan naam noch roep van een van beide of van beide afbreuk deed'

De nieuwe doelstelling bracht een statutenwijziging en een reorganisatie van de Vereniging met zich, want om haar nieuwe taak zo succesvol mogelijk te kunnen verrichten, wilde de Vereniging aantonen dat zij metterdaad 'het Concertgebouw-bezoekende publiek' vertegenwoordigde: tussen september 1951 en mei 1952 nam het aantal Vrienden toe van 400 tot 1730, en het bestuur werd uitgebreid met enige prominenten.

De Vriendenkrans bleek een waardevolle traditie - hoe waardevol moge blijken uit het overzicht van alle winnaars -, de Vriendenavonden eveneens. En, traditiegetrouw, bleven de Vrienden paraat in moeilijke tijden, zoals bijvorobeeld in het jubileumseizoen 1968, toen onder auspiciën van de Vrienden een Jubileumcommissie werd gevormd om, o.a. door middel van een grote loterij, een bedrag bijeen te brengen, voldoende voor de restauratie van de Grote Zaal, inclusief nieuwe verlichting.

 

De Vereniging is in 76 jaar van een klein select gezelschap uitgegroeid tot de grootste culturele vriendenvereniging van Nederland. Het eigen activiteitenprogramma bestaat uit kamermuziekconcerten, muziekcursussen, inleidingen en rondleidingen, openbare repetities en het Vriendenkrans Concours/Het Debuut voor jonge musici.

In 1994 nam de Vereniging Vrienden het initiatief voor de oprichting van jongerenvereniging Entrée. De jongeren van Entrée realiseerden in de afgelopen 15 jaar vele baanbrekende projecten die tot voorbeeld van Gebouw en Orkest dienden, en wisten telkens heel veel nieuw publiek kennis te laten maken met klassieke muziek. Samen met de ruim
6.000 leden van Entrée vormt de Vriendenvereniging een Alliantie van bijna 19.000 trouwe fans van Gebouw en Orkest.

naar boven